Ga naar de hoofdinhoud
17-25 October 2026

Poëtics of Plentitude

De schaal waarop we grondstoffen aanwenden roept noties op van overvloed én eindigheid. Wat is er in overvloed, en van wat hebben we nét genoeg?

Gepresenteerd door Werkstatt

Dit project is nu gearchiveerd en was onderdeel van DDW22

Poetics of Plentitude
Poetics of Plentitude
Werkstatt
Als we nu kijken naar onze gebouwen, waaruit bestaat de bulk van de materialen waar we mee bouwen? Waar komt het allemaal vandaan? Wat betekenen deze materialen voor ons? Betrekken we een gemeenschap door principes op te leggen, of door te verleiden met een poëtische notie van de nieuwe bouwcultuur

All this stuff came from somewhere

“All this stuff came from somewhere.” (Moe. K. (2021), Unless: the Seagram Building Construction Ecology, Actar Publishers, Barcelona.) Als we nu kijken naar dit verhaal, naar dit gebouw, waaruit bestaat de bulk van de materialen waar we mee bouwen? Waar komt het allemaal vandaan? En belangrijker nog: wat betekenen deze materialen voor ons? Materiaalstromen vinden niet alleen een eindbestemming in de gebouwde omgeving, ze suggereren ook bronnen en beginpunten. Ze bewegen zich voort door gemeenschappen en beïnvloeden economieën en landschappen. Materialen laten ontegenzeggelijk hun sporen achter: ze bestaan in plaats en tijd. De schaal waarop we grondstoffen aanwenden roept noties op van overvloed én eindigheid. In het Engelse woord ‘plenty’ komen twee verwante begrippen samen: overvloedig en net genoeg of precies voldoende. Hoe verhouden we ons tot deze tweeledigheid? Wat is er in overvloed en mogen we genereus gebruiken, wat is eindig en verdient een spaarzame, zorgvuldige toepassing? Welke rol spelen nieuwe, regeneratieve bouwmaterialen, en wat wordt de nieuwe rol van eindige materialen met hun unieke kwaliteiten die we moeilijk kunnen wegdenken?

construction ecology

Geconfronteerd door deze tegenstrijdigheden, proberen we de implicaties van conflicterende begrippen om te draaien. Eindig en oneindig staan niet lijnrecht tegenover elkaar, precies genoeg en overvloedig vullen elkaar op een dynamische manier aan. Dit vraagt om een meerzijdig perspectief op materiaalwaardering. Naast hun functionele kwaliteiten, belichamen materialen ook herinneringen, potentie en schoonheid. Die schoonheid is niet beperkt tot de uiterlijke verschijningsvorm, maar kan ook gevonden worden in de herkomst van de vezel of de potentie van een toekomstige bestemming. Onze werkwijze wordt daarbij gemotiveerd door het besef dat grondstoffen en materialen op hun beurt iets van de mens vragen. Kennis en ambachtelijke vaardigheden, bijvoorbeeld, maar ook vindingrijkheid, de wil om zelf dingen te ontdekken, processen te ontleden en inzichten met elkaar te delen.

gemeenschap

Er kan dus worden gesteld dat we nú zowel collectieve als individuele actie nodig hebben om alternatieve, duurzame economieën vorm te geven. Een gebouw is hierin geen object, maar onderdeel van een bouwcultuur, een systeem. Om systeemverandering te bewerkstelligen heeft de architect een diepe betrokkenheid met de gemeenschap nodig. Één vraag blijft: betrekken we een gemeenschap door principes op te leggen, of door te verleiden met een poëtische notie van een nieuwe bouwcultuur?”

over Werkstatt

Werkstatt is Niels Groeneveld, Floor Frings and Raoul Vleugels. Alle drie studeerden zij cum-laude af aan de TU/e. Werkstatt ontving recentelijk de ‘Jonge Maaskantprijs’ voor de inzet de afgelopen 10 jaar richting een nieuwe, duurzame en sociale bouwcultuur. Doormiddel van zorgvuldig ontwerp proberen ze economische, sociale en ecologische verandering binnen de discipline te bewerkstelligen.