Een tweede leven voor wat is afgedankt
Passage Two is een groeiende collectie textiele werken, gemaakt van textielafval uit de regio Utrecht. Ik haalde het materiaal bij een textiel-inzamelbedrijf, waar kleding zich had opgestapeld omdat het sorteercentrum vol was. Ik wilde het textiel hier uit de afvalstroom halen, voordat het verbrand, verscheept of opnieuw verkocht zou worden. In plaats van de afgedankte kleding als anoniem afval te behandelen, ontmantel ik ieder kledingstuk terug naar de oorspronkelijke knipvormen. Deze vormen worden opnieuw samengebracht in tweedimensionale composities, waarbij naden, vormen en sporen van het eerdere leven zichtbaar blijven. Ik gebruik ieder onderdeel van het kledingstuk in de vorm waarin het is, waardoor er een minimum aan knipafval ontstaat. Het zichtbaar laten van deze vormen is een ode aan het oorspronkelijke textiel en aan het feit dat het ooit kleding was. De titel Passage Two verwijst naar deze tweede levenscyclus: de kleding krijgt een nieuwe doorgang, waarin het niet opnieuw eindigt als afval.
Waar verschillende handen samenkomen
De basis van ieder werk wordt door mij ontworpen en samengesteld. Vervolgens wordt op het werk gezamenlijk met anderen geborduurd. Ik heb geen enkel werk alleen gemaakt. Mensen die deelnemen reageren op een open oproep of worden door mij uitgenodigd. Dit kan iedereen zijn: vrienden, familie, buren, klasgenoten, collega’s of bezoekers van een tentoonstelling. Tijdens het borduren ontstaan gesprekken en ontmoetingen. Soms gaat het gesprek over de schadelijke kledingindustrie, soms over onze dagelijkse keuzes en gewoontes, en altijd is er aandacht voor de waarde van het handwerk waar we op dat moment samen mee bezig zijn. De borduurlijnen bestaan uit eenvoudige rijgsteken en reageren op de vormen van de textielfragmenten en het geheel. Zo komen verschillende handen, ervaringen en perspectieven samen in één werk. Het maken wordt daarmee een plek voor uitwisseling, reflectie en verbinding.
Gedeelde menselijkheid, gedeelde verantwoordelijkheid
Aan de basis van Passage Two ligt het geloof dat onze gedeelde menselijkheid een essentieel vertrekpunt is voor het bouwen aan een betere en duurzamere wereld. Ieder kledingstuk draagt een keten van menselijke betrokkenheid in zich: de mensen die het maakte, degene die het droeg, de mensen die eraan borduurden, de volgende drager en degenen die het werk als kunst ontmoeten. Wat hen met elkaar verbindt, is dat zij allen mens zijn. De werken maken deze verbondenheid zichtbaar en nodigen uit tot herkenning, waardering en zorg. Elk werk kan als kleding gedragen worden of als tweedimensionaal kunstwerk aan de muur gehangen. Door het gebruik van linten, die door tunnels in het textiel lopen, kunnen de werken van vorm veranderen en zich aanpassen aan verschillende lichamen. Zo behoud het materiaal waarde en betekenis en wordt het niet opnieuw wegwerpbaar. Passage Two stelt dat verandering kan beginnen met het besef dat we deel uitmaken van één mensheid, één lichaam, en dat wat een ander schaadt ons uiteindelijk allemaal aangaat.